Bevlekt en betreurd kijk ik naar mezelf in de vervaagde spiegel. Helder zicht is vergaan, wat ik heb is een verwrongen beeld van herinneringen. Herinneringen van een verwrongen beeld. Verwrongen herinneringen van een beeld.
Verwrongen van mezelf. Vervreemd. Verloren. Vergeten. Ver weg. Onderweg naar het verre verloren en vergeten terwijl ik vervreemde van mezelf. Ik mis mezelf. Of de verwrongen versie van mezelf. Ik weet niet wat ik mis. Ik mis iets. Zo simpel is het. En ik ben nog steeds onderweg naar het verre weg. Terwijl ik probeer mezelf niet te verliezen en mezelf daardoor te vervreemden van het verwrongen beeld laat ik mezelf gaan onderweg. Dit keer laat ik mezelf gaan. Ik laat mezelf lopen. Struikelen. Opstaan. Ik ga. Ik ga dit keer echt. Ik ben onderweg.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten